Naar Wageningen op stakingsdag

In onze regio staken de chauffeurs van het openbaar vervoer. Maar op een aantal lijnen rijden ze toch. Zoals busdienst 352 naar Wageningen, waar ik vandaag heen wil. Alleen zullen er minder bussen zijn. ‘We zien wel, denk ik, en wandel naar de halte. Het is een risico.

De bus is ruim op tijd en grotendeels leeg. De heenrit gaat voorspoedig. Na een wandeling met bekenden ben ik weer bij een halte aan de rand van Wageningen. Nu wordt het afwachten. Komt de bus naar Arnhem: ja of nee. Ik zou niet graag het hele eind naar huis willen lopen.

De halte staat naast een drukke weg en er wacht al een jonge metalhead. Onderuitgezakt luistert hij naar muziek op zijn telefoon. Na verloop van tijd wordt hij onrustig; hij moet op tijd in Arnhem zijn. Ook bezorgt deze locatie ons een dubbel gevoel. Want het verkeer raast continu langs ons heen, terwijl wij niet verder komen.

Geen bus te zien op de weg. Op het elektronische informatiebord passeert trouwens wel de ene na de andere bus. ‘Nog 8 minuten’, ‘nog 6 minuten’, ‘nog 3 minuten’, nog 2, ‘bus vertrekt’, weer: ‘nog 2 minuten’, ‘nog 1 minuut’. Vervolgens verschijnt – – en schuift de bus daaronder naar boven. ‘Nog 12 minuten’, enzovoort. Daar zitten we dan.

Ik wil niet als verstekeling in Wageningen achterblijven. Dus wat is wijsheid? Hier wachten of naar het busstation lopen? Daar vertrekt lijn 88 van een andere maatschappij naar het treinstation. Als die bus rijdt, tenminste. Maar o wee als ik naar het busstation wandel en bus 352 mij passeert. En stel dat de volgende pas over drie uur gaat? Hm.

Na een half uur vraag ik aan de metalhead hoe lang hij al wacht. Tien minuten langer. Opnieuw verspringt de aangekondigde tijd van – – naar ‘Nog 12 minuten’ . Het is genoeg geweest. Hij geeft het op en haalt zijn fiets van het slot. Terwijl ik het erop waag en naar het busstation loop. Hopend dat de bus niet uitgerekend nu langs zal komen.

Het wordt een soort honkbalspel. Verderop is namelijk nog een bushalte. Even overweeg ik om er te blijven, maar ik loop toch door. Het is een gok. Daarom hou ik mijn ogen gefixeerd op het tegemoetkomende verkeer. Want als daar iets rozigs bovenuit steekt, moet ik razendsnel terug naar dit honk.

Juist wanneer ik een druk kruispunt heb gepasseerd, doemt alsnog het langverwachte roze op. Nu ben ik al een eindje voorbij de halte. Ik sprint terug, ren links en rechts kijkend door rood, dwars over een grasperk heen, al omziend naar de bus en wapperend met mijn pas, zodat de chauffeur mij niet passeert, voordat ik die laatste halte weer bereik.

Meer sport dan stress; niet slecht op een stakingsdag van het openbaar vervoer.

4 gedachtes over “Naar Wageningen op stakingsdag

Reacties zijn gesloten.