Voordelen van de zeven hoofdzonden – 6 Gulzigheid

Met de volgende hoofdzonde in de serie belanden we bij gulzigheid (Gula). Ook wel vraatzucht of onmatigheid genoemd. Ik vraag me af of dit zo’n grote zonde is, zeker als het om eten gaat. Wellicht zegt de keuze voor deze hoofdzonde meer over het instituut dat ze heeft opgesomd: de katholieke kerk. Eeuwenlang moesten we hard werken voor voedsel en andere levensbehoeften. Nu is er een enorme overvloed. Voor iedereen is er genoeg. Alleen is de verdeling ongelijk en draaien veel productiemethoden op roofbouw.

Toch, zeg je vraatzucht, dan denk ik direct terug aan een Brabantse reisgenoot. Ik ontmoette hem tijdens een groepsreis in Indonesië. Hij was minstens een kop groter dan ik en tonnetje rond. Doorgaans was hij de gemoedelijkheid zelve. Tenzij er wat te halen viel.

Eten, vooral. Maar ook de voorste plek in de bus en de prominentste plaats bij elk uitkijkpunt. Dan zag de rest weinig meer vanachter zijn grote lijf. Op het vliegveld moest hij persé als eerste door de slurf. Zelfs als er werd omgeroepen dat gezinnen met kleine kinderen voor mochten. Wat, opzij gaan? No way. Hij bleef dringen bij de gate en blokkeerde met al zijn vet de volle breedte van de doorgang.

We gingen op Bali ‘s avonds naar een show met muziek en elegante danseressen. Vooraf kregen we een diner met overheerlijk eten, in de vorm van een buffet. Kortom, daar viel wat te halen. Nou, vermenigvuldig de porties die Russen in all inclusive resorts bijeen graaien gerust met een factor drie. Dan heb je een idee van de hoeveelheid die hij verstouwde. Hij versloeg zelfs mij.

Een kleine Indonesiër stond bij het buffet saté-stokjes klaar te maken. De eerste keer dan onze Brabander die avond saté ging halen, bracht hij een bord met twaalf stokjes mee. Ik dacht nog even dat hij die voor onze hele groep had meegenomen. Maar nee. En we waren niet de enige groep daar. Voor die arme saté-maker was het gewoon niet bij te benen.

Al met al zie ik weinig nadelen in gulzigheid. Zolang onmatigheid niet ten koste gaat van iets of iemand anders. Vooralsnog verspillen we enorme hoeveelheden voedsel en grondstoffen. Door gebrekkige opslag- en transportmethoden gaat in Afrikaanse landen tot wel 40% van de oogsten verloren. Tot dat verbetert, kunnen de mensen daar zich wellicht beter volvreten (en het voedsel met hun buren delen), dan dat de ratten het doen.

6 gedachtes over “Voordelen van de zeven hoofdzonden – 6 Gulzigheid

  1. We realiseren ons vaak niet hoe gulzig we zijn. Dat vind ik wel een griezelig idee. Dat je door je gedrag zoals je altijd bent en doet door anderen als gulzig wordt aangemerkt. Iets dergelijks geldt voor hoogmoed. Wat denken wij westerlingen wel?

    1. Dat is waar, soms hebben we geen idee hoe gulzig we zijn. Met name tijdens groepsreizen van langer dan een week vallen dit soort dingen op. Bij andere mensen, maar ook wel in contrast met plaatselijke bewoners bij onszelf. Ditzelfde geldt wanneer je ziet hoe grondstoffen worden gewonnen of verwerkt, en wat dat met de omgeving doet.

  2. Al is het alleen maar een beetje respect voor mensen die niks hebben. En dat overdadig gevreet van vlees staat me ook enorm tegen.

    1. Klopt. Ik vond het wel een leuke exercitie om over de hoofdzonden na te denken. In het geval van gulzigheid vermoed ik dat het in de achterliggende gedachte gaat om een sociaal geaccepteerd gemiddelde. Dat zal overal verschillend zijn. Twaalf saté-stokjes voor een persoon, terwijl de rest niets heeft, is dan bovengemiddeld veel.

Reacties zijn gesloten.