Hollanders in contact met buitenlanders

Een bekende vertelt over haar kerstvakantie in Marokko. Waar ze is geweest, wat ze heeft gezien. Ter plekke wil ze meer weten wanneer het verhaal van de gids oppervlakkig blijft. ‘Hij was heel lovend over de koning.’ Dus stapt ze op de beste man af en stelt hem een kritische vraag over het koningshuis. ‘Het viel me op dat hij nogal schichtig om zich heen keek.’

Wat mij nog altijd choqueert, is hoe ontzettend achterlijk landgenoten zich in het buitenland kunnen gedragen. Hoe meer ik over landen weet, hoe erger dat wordt. Kennelijk denken ze dat ze mensen overal ter wereld kunnen benaderen zoals ze dat in Amsterdam doen. Alsof die stad maatgevend is. En alsof er geen schat aan informatie beschikbaar is over andere culturen. Je kan je toch verdiepen in het volk waarbij je op vakantie gaat? Dat verwachten we ook van de immigranten die hier komen wonen.

Een zeldzaam reisprogramma waarbij ik geen tenenkrommende ervaringen krijg, is dat van Ruben Terlou. Hij is de presentator van de VPRO-documentaireserie ‘Langs de oevers van de Yangtze’. Komende zondag start zijn nieuwe serie ‘Door het hart van China’. Ruben spreekt vloeiend Chinees. Maar voor elk specifieke onderwerp in de serie vergrootte hij zijn vocabulaire. Zodat de plaatselijke bevolking merkt dat hij weet waarover hij praat en hem serieus neemt. Zo grondig en inlevend gaat hij te werk.

Interculturele communicatie is een mijnenveld. Dat weet ik al sinds mijn reisperiode en eerste werkdagen in het buitenland. We gedragen ons doorgaans als een kudde olifanten in een porseleinkast. Of erger, want olifanten zijn behoedzame dieren. We doen het overigens niet expres. We realiseren het ons vaak niet eens. Totdat we zien dat ‘de ander’ echt duidelijke signalen van ongemak afgeeft. Maar voordat hij dat doet, zijn we al over heel wat grenzen heen gewalst. Die culturele grenzen beginnen in België, Duitsland en Engeland. Of misschien al buiten de Randstad.

6 gedachtes over “Hollanders in contact met buitenlanders

  1. We doen het overigens niet expres. We realiseren het ons vaak niet eens.

    Dat noemen ze in Engeland nu ‘ignorant’. Dom en insensitief. Dit geldt in het bijzonder voor Nederlanders in een kudde.

    1. Precies. De twee door jou geciteerde zinnen waren nog diplomatiek bedoeld. De persoon in Marokko kon echt beter weten, maar wilde vermoedelijk ter plaatse een interessant verhaal voor thuis scoren. Tijdens groepsreizen heb ik meegemaakt dat mensen vooraf bij bezoek aan heilige plaatsen op kleding- en gedragsregels werden gewezen. Maar: ‘wij maken zelf wel uit wat we doen en dragen’.

      1. 2 blonde reisgenootjes in de islamitische wijk in Delhi staan mij nog levendig voor de geest. Ze waren beledigd dat ze, in hun hemdjes en shorts, door iedereen aangestaard werden. Of ook tijdens die reis, mede Nederlanders die snauwden tegen bedienend personeel in restaurants omdat de service (in hun ogen dan) te wensen overliet. Tenenkrommend. Niet dat ik zelf nou een lichtend voorbeeld ben. Tijdens een groepsreis in Egypte gingen we met onze Egyptische gids in discussie over WOII, volgens hem (een geschiedenis student nota bene) had de holocaust niet bestaan. De sfeer werd heel grimmig en achteraf gezien, hadden we die discussie niet moeten doorzetten. Sommige dingen moet je op reis niet willen veranderen denk ik…

      2. Oh ja, dit zijn heel herkenbare situaties. Tenenkrommend, inderdaad. Een beetje aanpassing aan de plaatselijke gewoontes en iets minder directheid maken zulke reizen voor alle betrokkenen veel aangenamer (en vaak nog leerzaam ook).

Reacties zijn gesloten.