Levensbepalende boeken

Overal staan nu minibibliotheekjes waaruit je gratis boeken mag meenemen. Hoe anders was dat in mijn jeugd. Toen was het bezit van een boek nog speciaal. Sommigen daarvan hebben mijn fantasie aangewakkerd en mijn leven richting gegeven.

Van de schoolbibliotheek herinner ik me series van Pinkeltje en Arendsoog. Thuis hadden we ook enkele kinderboeken. Zoals een kinderbijbel en de sprookjes van de gebroeders Grimm. Verder stond onze boekenkast vol lectuur en literatuur voor volwassenen. Mijn moeder las graag rijk geïllustreerd populair-wetenschappelijk werk over cultuur, geschiedenis en volken. Mogelijk heeft zij deze interesses op mij overgedragen. In elk geval waren deze onderwerpen later relevant voor mijn werk.

Mijn eerste eigen boek was Samen op ’t eiland Zeekraai van Astrid Lindgren. Op de binnenflap wordt het verhaal als volgt ingeleid: ‘Op een zomerdag zet de schrijver Melkerson met zijn vier kinderen voor het eerst voet aan wal op het voor de Zweedse kust gelegen rotseilandje Zeekraai. Weinig vermoeden ze dan hoeveel opwindende en verwarring brengende gebeurtenissen hun te wachten staan. Maar ook hoeveel vriendschap en plezier.’

Ach, het verwachtingsvolle gevoel wanneer je een onbekende bestemming bereikt. Dit boek heeft mijn reislust aangewakkerd, voor zover dat nog nodig was. Wegdromen bij verhalen; je verbazen over andere tijden en plaatsen: hierin school de aantrekkingskracht van boeken. Later las ik talloze reisverslagen en verhalen over mensen die elders een nieuw leven begonnen. Dat wilde ik ook.

Als aanvulling op mijn eigen reizen las ik literatuur uit de Angelsaksische wereld van vroeger en nu. En nog beter wilde ik de verhalen begrijpen. Daarom werd ik ook lid van een Engelse leesclub. Maar daar bleef ik slechts kort. Naar mijn idee werden romans er vakkundig kapot ontleed. Terwijl lezen toch iets persoonlijks is en er ruimte voor eigen interpretatie mag zijn.

Welbeschouwd vormden de eerste boeken over verre oorden en vreemde culturen de opmaat naar een leven vol reizen. Daaruit kwam een behoefte voort om maatschappelijke ontwikkelingen te begrijpen. Zo werden studieboeken over ontwikkelingsvraagstukken uiteindelijk het meest bepalend voor mijn kijk op zaken. Ik was veertig jaar oud toen ik ze las. Een ideaal moment om levenservaring te koppelen aan wetenschappelijke theorie. De meeste mensen doen dat andersom. Maar beiden zijn nodig voor een werkelijk diepgaand inzicht in de wereld.