Naar Breda, of eigenlijk Tilburg

Het is zondag en ik heb nog een NS-kortingkaartje, dat bijna verloopt. Eerst overweeg ik een bezoekje aan Franeker en Harlingen. Dan denk ik aan Groningen. Uiteindelijk wordt het Breda. Nou ja, Breda …

Tussen Arnhem en Nijmegen rijden NS-bussen. Altijd leuk ter afwisseling voor wie de wereld doorgaans vanuit de trein ziet. Vanaf Nijmegen gaat de intercity richting Roosendaal. Ik heb nog weinig langs die route gereisd. Frappant is dat elk traject een unieke verzameling lokale en regionale reizigers heeft. De verschillen zijn subtiel, maar onmiskenbaar. Tussen Den Bosch en Tilburg brengt het landschap oude herinneringen boven. Brabant ken ik vooral van boswandelingen en kinderkamp op boerderijen in Schaijk en Bergeijk. Roosendaal is een naam op de route naar Spanje en Frankrijk. En lang geleden was er een avond stappen in Breda.

Het nieuwe station van Breda is bijna af. Nu is het – nog zonder winkels – een duistere catacombe. Ook het buitenlucht is grauw. Later op die dag begint Serious Request. De route ernaartoe staat vol kermisattracties en kraampjes. Uit de luidsprekers klinkt Jingle bells vermengd met het kabaal van een line dance drumband op straat. Wel doen enkele houten huisjes denken aan kerst. Diverse handelaren presenteren een origineel food concept in hippe wagens. Leuk bedacht, alleen zie je dat nu overal. Ik beschouw het als de westergasfabrikisering van Nederland. Na deze marketingfuik ben ik gauw klaar met Breda.

Terug op het station neem ik de eerste trein naar Tilburg. Daar kom ik nu voor de derde keer in mijn leven. De eerste keer ging ik naar het Textielmuseum voor een onderzoeksproject. En de tweede keer vormde Tilburg het beginpunt van een winterwandeling op een ijskoude dag. We liepen toen vanaf het station naar het centrum en dronken koffie op een kruispunt van winkelstraten. Daar had ik wel langer willen blijven, maar we moesten door.

Kortom, Tilburg in de herkansing. Tilburg wordt verguisd. Niemand doet aardig over Tilburg. Het is een industriestad die in het slop raakte toen het werk naar lagelonenlanden ging. Eerder was Tilburg een concurrent van Leiden, dat op dezelfde industrie draaide. In Brabant werkten toen thuiswevers die slechter verdienden dan Leidse fabrieksarbeiders. Tilburg is gebouwd op lage lonen, maar dat werd bijna haar ondergang. Rücksichloze stadsvernieuwing deed de rest. En kennelijk blijft het, ondanks prestigeprojecten en een fraaie schouwburg, de verschoppeling van Brabant.

Maar niet in mijn ogen. Ik hou juist van dit soort underdogs. Bovendien: Tilburg heeft wel degelijk mooie straten en gebouwen. Neem de Noordstraat vlakbij het station. Daar staan panden met ingetogen Jugendstil-elementen. En er zitten écht authentieke winkels in die wijk. Als je even niet oplet, loop je er zo aan voorbij. Ze doen namelijk niet zo uitsloverig. Tilburg heeft nog van die zeldzame rauwe randjes, zonder dat daar marketingtechnisch over is nagedacht. Oude muurtjes op een binnenplaats, overwoekerd door klimop en onkruid. Ik vind dat prachtig.

Hoezo is Tilburg een misbaksel? Ik zit er heerlijk in die koffiezaak op de hoek van de Oude Markt en de Heuvelstraat, en kijk daar ruim een uur lang naar passanten. De bediening is vriendelijk en niet opdringerig. Gewoon. Ook opvallend: dit is zo’n horecagelegenheid waar je niet de hele tijd hoeft te schrééuwen. In veel andere zaken is het te rumoerig om normaal een gesprek te voeren. Heel aangenaam.

Dan nog wat. Dat textielmuseum is een bezoek waard. Bovendien heeft Tilburg diverse attracties in de omgeving. Zoals de bossen en vennen bij Oisterwijk. Dat plaatsje is trouwens ook aardig. Of bezoek brouwerij Koningshoeven met het proeflokaal van La Trappe in Berkel-Enschot. Daar kan je overheerlijke erwtensoep eten te midden van Brabantse gezelligheid.

Vervolgens ben ik naar Den Bosch gegaan, maar dat kent iedereen al.

3 gedachtes over “Naar Breda, of eigenlijk Tilburg

Reacties zijn gesloten.