Hoe de allochtoon in mijn leven kwam en er weer uit verdween

Je hoort soms de vraag met hoeveel allochtonen een autochtone Nederlander eigenlijk contact heeft. Los van deze termen, gaat het dan meestal over heikele zaken. Zoals over wederzijds wantrouwen en onbegrip. Want onbekend maakt onbemind. Momenteel ontmoet ik zelden mensen uit een andere cultuur. Dat is weleens anders geweest, dus wat is er gebeurd? Een kleine geschiedenis.

In de jaren zestig groei ik als kind op in een agrarisch dorp. Mijn ouders zijn zelf import uit het naburige Leiden. Dat besef zit er goed in. Tegenover ons woont één van de twee ‘buitenlandse’ gezinnen. Die zijn van Indonesische komaf. Op oudejaarsavond hebben zij het mooiste en hardst knallende vuurwerk van het hele dorp. Dat is leuk. Verder hebben we weinig contact met bewoners aan de overkant. Want meestal lopen we naar buiten via de achterdeur.

Mijn buurmeisje kent het andere Indonesische gezin dat een straat verderop woont. We gaan er op een dag naartoe en worden binnen genodigd. Daar krijgen we nog dampende bakbanaan in een krokant jasje. Zelden heeft iets zo lekker gesmaakt als die banaan toen. Op de lagere school komt een Hongaarse jongen in onze klas en later een Engels meisje. Wat later vestigt zich een Chinese tandarts in het dorp, waar we patiënt bij worden.

Ook de middelbare school is een vrijwel exclusief blanke aangelegenheid. Ik heb er net mijn klassenfoto’s op nagekeken. Een paar meisjes uit Suriname, een jongen met Indonesische ouders, een meisje van de Antillen. Dat is het wel zo’n beetje op drie verschillende scholen.

Intussen begint het uitgaansleven. Ik trek veel op met een vriendin van de lagere school. Via haar komen de eerste allochtonen in mijn leven. Want zij is blond en rond. Voorheen lachten enkele klasgenootjes besmuikt om haar overgewicht. Maar nu werkt haar uiterlijk ineens als een magneet. Op Turken, op Marokkanen, op Surinamers en op Antillianen. Ik ben dan nog erg slank en heb donker haar. Mij zien ze nauwelijks staan. Dit is de tijd van de discotheek in Scheveningen.

In die verwarrende puberperiode heb ik er moeite mee dat ik amper opval. Maar jaren later benut ik die ervaring ten volle in Turkije en het Midden-Oosten. Daar verwerf ik dankzij mijn afkomst, houding en kleding soms de positie van een honorary male. En wanneer je door mannen in een patriarchale samenleving met respect wordt behandeld, krijg je vanzelf een extra goed kijkje in de lokale cultuur.

Wanneer ik als zeventienjarige mijn eerste baan op een kantoor krijg, verwatert het contact met die vriendin. En daarmee verdwijnen de allochtonen uit beeld. Ik beland wederom in een vrijwel blanke wereld. Van schoonmaker tot directeur, bijna niemand heeft een kleur. Behalve enkele ongeschoolde Marokkaanse klanten, die hun T-biljet laten invullen. Ze hebben allemaal als geboortedag 1 januari, omdat ze niet precies weten wanneer ze ter wereld kwamen.

Vanaf de jaren tachtig verblijf ik enkele periodes voor reis, studie of werk in het buitenland. Dan pas kom ik intensief in contact met andere culturen. Vooral dankzij ontmoetingen met mensen uit Azië, het Midden-Oosten, Afrika en Brazilië. Ook lees ik uit interesse wetenschappelijke beschrijvingen van Arabische en Afrikaanse samenlevingen. Veel wordt herkenbaar tijdens gesprekken en in het dagelijks leven. Zo vallen theorie en praktijk samen.

Dit staat nogal in schril contrast met mijn leven in Nederland. Als huurder in de sociale sector en als huiseigenaar heb ik steeds blanke buren. Exotischer dan Spaans en Italiaans wordt het lange tijd niet. Later komen er verderop Chinezen in mijn oude buurt. Dit zijn heel andere mensen dan de arme gastarbeiders die hier in de vorige eeuw aankwamen. En in mijn huidige woonplaats lopen vooral blonde mensen rond. Wil ik allochtonen ontmoeten, dan moet ik naar de stad gaan.

Want zij komen niet bepaald mijn kant op. Geen allochtoon bezoekt de bijeenkomsten voor werkzoekenden hier en in Wageningen. Terwijl zij toch ook moeite hebben met werk vinden. Bijna nooit meldt een allochtoon zich aan voor de gratis wandeltochten in heel Nederland. Terwijl iedereen welkom is om mee te doen. Geen allochtoon komt naar de lezingen of muziekuitvoeringen die ik hier en in Arnhem bezoek. Van alle bouwlieden die ik over de vloer krijg, is er slechts één Marokkaan. En het enige bedrijf dat geen enkele reactie op mijn sollicitatie geeft, is van een Iraniër.

Dit is gewoon wat ik zie en ervaar, niet meer en niet minder.

4 gedachtes over “Hoe de allochtoon in mijn leven kwam en er weer uit verdween

  1. Een aardig onderwerp om op door te gaan. Eigenlijk nooit zo over nagedacht. Op ons dorp was het ook hoofdzakelijk wit. We hebben tijdelijk een Surinaams meis gehad op de lager school. Geen meisje want het kind stak met een kop boven de rest uit. Ze was ook niet dik, maar gewoon erg groot en kwam met een dominee mee. Natuurlijk wel exotisch, maar meer ook niet. Ze werd niet gepest, dat overkwam alleen kinderen van arme ouders. Er werd vreselijk gepest en tegenwoordig valt me dat niet meer in die mate op.

    Maar er was ook afscheiding tussen katholiek, chisterlijk en niks. Die zaten op 3 verschillende scholen met elk een bijbehorende voetbalclub. Daartussen was ook bitter weinig menging.

      1. Daar wilde ik nu zelf over bloggen. 😉

        Ik beschouw heel weinig mensen als echte vrienden, daar zit geen gekleurd iemand bij. Op m’n werk heb ik een paar goede kennissen gehad die tussen licht en flink getint waren. Ik werk alleen niet meer. Tegenwoordig spreek ik een scala aan mensen in de bieb en dan ga ik net zo makkelijk een praatje aan met jong en oud van elk soort. Waarbij blijkt dat sommigen het Nederlands nog niet machtig zijn. Ik ga dan wel door in het eenvoudige Nederlands en schakel pas over naar Engels of Frans als het niet anders kan.

        Ik wandel veel en als ik een enkel persoon tegen kom op een rustig pad, dan groet ik. Dat doe ik bijvoorbeeld ook bij een 20’er die je als 3e generatie Marokkaan zou kunnen typeren. Het leuke is dat hij en vrijwel alle andere mensen keurig terug groeten, omdat ze het niet verwachten. En dan is mijn dag al weer geslaagd. 😉 (Doe ik trouwens ook buiten Nederland en dat gaat minstens zo goed.)

        Punt is wel dat Alkmaar echt het gemiddelde is. Geen grote stad en geen klein dorp. Geen grote gemeenschappen, maar wel van alles en nog wat. En wat ook aardig is dat kinderen zeer gemixt met elkaar spelen. Alleen kan ik dan niet vaststellen of het bijvoorbeeld geadopteerde kinderen zijn.

      2. Nou, dit zijn toch leuke ervaringen, onder meer in de bibliotheek. Ik heb ook overal gemerkt dat wanneer je iemand normaal tegemoet treedt en groet, die ander eveneens vriendelijk reageert.
        Na bovenstaand bericht besefte ik pas dat ik enkele bekenden niet als allochtoon beschouw, omdat zij goed Nederlands spreken. Dan ‘zie’ ik het kleurverschil niet meer.
        Voor de vraag maakt het uit of je wezenlijk contact hebt (een heel gesprek voert), of iemand slechts op straat groet en passeert. Ik heb bijna tien jaar door de Haagse Schilderswijk en Chinatown gewandeld naar mijn werk. Daar is 90% gekleurd. Bij de Turkse bakker, de Marokkaanse bazar, in exotische restaurants en tijdens multiculturele festivals had ik eigenlijk geen wezenlijk contact. In zo’n wijk zie je heel duidelijk dat groepen per afkomst bij elkaar klitten. Dan is Alkmaar vast een betere plaats om dwars door culturen heen vrienden te maken. En taalmaatje worden, werkt waarschijnlijk helemaal goed.

Reageren mag

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.