Stromae in de pronkkamer

Gisteren heb ik de pronkkamer hierboven weer bijgewerkt. Het liefst plaats ik daarin een selectie van de beste of mooiste berichten, gelijkmatig verdeeld over het jaar. In recente maanden waren dat er wat minder, maar ‘Geboortebeperking als redding’ mag er zijn. Ik zocht er juist een toepasselijk liedje bij, toen Stromae langskwam.

Als er één hedendaagse artiest een plek verdient in de hall of fame, dan is hij het wel. Zijn optreden is verfrissend en origineel. De eerste keer wist ik niet wat ik zag. Fifties musicalshow meets Raï meets hiphop meets … ja, wat eigenlijk? Waar kwam die gast vandaan? Ik kon hem gewoon niet thuisbrengen. Geen wonder, want hij is Belgisch-Rwandees en werd vast beïnvloed door straatcultuur.

Tijdens interviews komt hij gevoelig en bescheiden over. Maar als podiumdier zet hij een zeer professionele show neer. Zijn muziek werkt aanstekelijk en brengt je vanzelf aan het dansen. Zijn voorkomen is onberispelijk; over het kleinste detail is nagedacht. Met woordkunst en bewegingen vertelt hij hele verhalen, terwijl achter zijn grappige façade van mimiek diepgang schuilgaat. Naar mijn idee verenigt hij het beste uit meerdere culturen.

Terug naar de pronkkamer. Stromae raakt met Papaoutai aan ‘Geboortebeperking als redding’. Vanuit zijn perspectief als zoon zingt hij over een vader die niet naar hem omkijkt. Bijna ongemerkt benoemt hij een facet van een groter vraagstuk dat mede tot IS heeft geleid.

Ach, laten we het luchtig houden. Dat doet Stromae tenslotte ook. Alors on danse.