Gebruik van fietspaden en stiltecoupé

Op Ximaar’s blog staat een bericht met reacties over fietspaden in duinen en daarbuiten. Een citaat: ‘Laatst fietste ik (op de drukste tijd) door Amsterdam en schrok er van hoe opgefokt iedereen (automobilisten, fietsers, scootertuig en voetgangers) was.’ Vertel mij wat. Vooral in de Randstad worden fietspaden intensief gebruikt.

Na lezing van dat bericht stel ik een top tien op met mijn grootste ergernissen in het publieke domein. Details laat ik achterwege, maar ze hebben allemaal één ding gemeen. Ik moet niets hebben van mensen die, op welke wijze dan ook, meer ruimte claimen dan hen redelijkerwijs toekomt.

Een dichtbevolkt land gaat slecht samen met egocentrisme en afwijkend gedrag. Neem de stiltecoupé. Er komt een luid pratend stel binnen en een medepassagier wijst naar de tekst op het raam. Maar de binnenkomers praten halsstarrig door en trekken zich niets van de anderen aan. De stiltecoupé is een ijkpunt voor de conditie van het bindweefsel van onze samenleving.

We schromen om iemand terecht te wijzen. Je krijgt al gauw een kwade reactie, in plaats van een welgemeend excuus. Bovendien voel je je ongemakkelijk wanneer je iets zegt van andermans gedrag. Dan lijkt het alsof je zelf degene bent die moeilijk doet. Terwijl de rest zich zwijgend verbijt, komen rauwdouwers al snel overal mee weg. Steeds wanneer zo iemand zijn zin krijgt, sterft er een stukje bindweefsel af.

Dus doe ik soms toch mijn mond open, in het belang van een prettige samenleving.