Vijftigers en hun imago

In de VPRO-gids van deze week staat een interview met Mikkel Nørgaard (1974), de Deense regisseur van The Keeper of Lost Causes. Hij vertelt dat inspecteur Mørk veruit het moeilijkste personage was om te casten. Hij zocht een half jaar lang naar een acteur in de groep vijftigers. Maar ‘Hij [het personage] was te oud. Dat sombere en cynische van Mørk wilde ik wel houden, maar ik wilde dat in een jonger personage. Zodat het publiek in ieder geval nog de hoop kan koesteren dat Mørk kan veranderen. En zo kwam ik terecht bij de veertigers, een heel andere groep acteurs.’ Min of meer in zijn woorden: vijftigers hebben alles al opgegeven, ze willen niet langer jagen. Als je veertig bent, wil je nog iets bereiken.

Het sluit aan bij het kennelijk heersende beeld onder werkgevers dat vijftigers niet meer flexibel zouden zijn. Personeelsfunctionarissen zijn zelf gemiddeld 35 jaar oud. Ik vind bovenstaand citaat uit de mond van een regisseur nogal fnuikend. Het kan zijn dat hij inspeelt op een heersende gedachte en rekening heeft te houden met kijkcijfers. Maar wat hij doet is die gedachte via media nog eens extra bevestigen en verspreiden. En dit zonder dat hij zelf flexibiliteit van geest toont.

Het is pas echt origineel en gewaagd als hij een bijna zestiger, tegen gangbare verwachtingen in, neerzet als iemand die nog steeds iets van een jonge hond heeft. Die wellicht cynisch (realistisch?) overal op afstapt, maar zijn energie haalt uit dingen die inhoud geven aan zijn leven. Iemand die jagen als een spelletje blijft zien, ook al gaat dat iets minder makkelijk. En daarom zijn tactiek aan zijn mogelijkheden aanpast. Iemand die juist zingeving zoekt in het onderhouden en verdiepen van langdurige relaties. Omdat hij al te veel oppervlakkigheid heeft gezien. In plaats van somber de hele wereld de rug toe te keren. Dat zou ik nou verfrissend vinden.

Naschrift: dit bericht haalde als ingezonden brief de VPRO-gids.